Zuid-Sulawesi

JAN EN HETTY VAN VEEN

Double hot
Na de landing in de hoofdstad van Sulawesi Makassar, voelen we op de vliegtuigtrap direct waar we mee te maken krijgen: hitte. We weten dat het in Nederland pijpenstelen regent en koud is. Op de fiets zullen we nog wel eens verlangen naar een regenbui om af te koelen.
De taxichauffeur staat ons op het luchthaven van Makassar al op te wachten. We hebben direct een grote groep Indonesiërs om ons heen die zich afvragen wat er in de grote dozen zit. Fietsen? Fietsen in Zuid- Sulawesi? Jullie lijken wel gek zie je ze denken.
Snel met de taxi naar het hotel. Gelukkig een goed hotel. We zijn immers ruim 30 uur onderweg geweest dus een goed bed is welkom. Makassar ligt aan zee en dat garandeert een ruime keus aan visgerechten. Tegenover het hotel nestelen we ons in een eenvoudig straattentje en laten een lekker visje grillen. Doe maar niet te spicy vragen we. Ja medium is goed. Maar na de eerste hap vliegen de tranen in de ogen en de neus begint te snotteren. Medium schijnt voor onze begrippen erg spicy te zijn. We hebben het al warm maar nu hebben we het dubbel heet.

  • Facebook
  • Twitter
Stiekem
Alle reisgidsen schrijven dat Makassar niet veel te bieden heeft. Dat klopt wel wanneer het om architectonische  of culturele hoogtepunten gaat. Maar het beeld dat je na één dag Makassar snel moet verlaten, klopt niet. Het dagelijks leven in Makassar is verrukkelijk om mee te maken. Nog lang niet verpest door het toerisme. De verkeersdrukte  lijkt één en al chaos maar toch komt het allemaal goed. Hoe dat kan? Gewoon omdat ze rekening met elkaar houden. Daar kunnen wij wat van leren. Wij willen een biertje gaan drinken. Met Bintang is Heineken op afstand marktleider in Indonesië. In Sulawesi is de bevolking voor het overgrote deel Islamitisch en op veel plekken verkopen ze daarom geen bier. Zo ook in de straattent van onze keuze. We laten merken dat we toch wel heel erg veel zin hebben in een Bintang. Wat wil je bij een temperatuur van 35 graden. Uiteindelijk stapt de zoon van de baas op de scooter en haalt voor ons grote flessen Bintang. Onder één voorwaarde: wel achterin het restaurant opdrinken want niet iedereen mag het zien. Het deed ons denken aan bepaalde religieuze stromingen in Nederland waar de televisie achter gesloten deuren in de kast wordt gezet.
Vriendelijkheid kost niets
We verlaten in de vroege ochtend Makassar voor onze eerste fietstocht van bijna 100 km. Het is al razend druk. We worstelen ons door het drukke verkeer. Het wemelt van de scooters. De meeste Indonesiërs hebben drie dingen: een kleurentelevisie, een scooter en een mobiele telefoon. Daarover nadenkend bedenken wij dat naast eten en drinken dit drie basisbehoeften zijn: Informatie – Communicatie – Mobiliteit.
We fietsen door kampongs en worden overvallen door één en al vriendelijkheid. De bevolking heeft weinig maar zo te zien zijn ze vooral tevreden met wat zij hebben.
Westerlingen komen er nauwelijks dus we zijn een bezienswaardigheid, zeker op de fiets. De Indonesiërs hebben meer belangstelling voor onze fietsen dan een gemiddelde Nederlander voor een Maserati. De belangstelling is massaal. Constant horen we onderweg: Hey mister, hello. Als we even stoppen worden we omringd door de bevolking. Geen gebedel om geld maar gewoon even contact maken. Een vriendelijk woord is genoeg.

Chillen
We fietsen door prachtige desa’s met huizen in de specifieke Buganese stijl en soms

  • Facebook
  • Twitter
mooi van kleur. Het is een sprookjesachtige  gezicht die huizen met ijzeren golfplaten tussen de palmen- en bananenbomen. Bij elk huis staat aan de straatkant een soort chilplek. Dat is een bamboevloer op palen en voorzien van een overkapping. Hier heeft men het chillen uitgevonden. Bij de meeste huizen is de chilplek goed gevuld en we worden telkens hartelijk en soms uitbundig begroet. Maar je ziet ze ook denken: Chillen is beter dan fietsen!
Vakmanschap is Meesterschap
Op Zuid-Sulawesi is de menselijke arbeid nog nauwelijks vervangen door machinerieën. Het ploegen van de rijstvelden gebeurt vaak half-mechanisch  maar de rest is allemaal handwerk.
Vandaag zijn we op weg naar Bira, een badplaats op de meest zuid-oostelijke  deel van Zuid-Sulawesi, waar wij een aantal dagen gaan genieten van zon, zee en strand. Onderweg komen we door het plaatsje Tana Beru. Hier worden Buganese schoeners gebouwd in alle soorten en maten. En het is allemaal handwerk. Je ruikt de geur van tropisch hardhout. Het is fraai om te zien hoe de Indonesiërs hun vak uitoefenen. Het doet hen plezier dat wij een kijkje komen nemen. Hier is Vakmanschap nog Meesterschap.
  • Facebook
  • Twitter
Manager van tien
Vandaag een relaxdag op het strand. Dat is zoiets als chillen wat de Indonesiërs hier dagelijks doen. We hebben enkele dagen nodig om de jachtige westerse wereld achter ons te laten en te wennen aan de sfeer van “tempoe doeloe” . We laten ons met een bootje naar een palmenstrand brengen. Je kent het wel. Zo’n strand dat je alleen op een ansichtkaart ziet of in de reclame van Bounty. Wat je ook smeert de zon is zo scherp dat wij ook op de bounty-beach verbranden.
‘s Avonds naar een leuk restaurantje. We worden geholpen door een meisje van 10 met een schattig gezicht. Ze heeft geen ouders meer en werkt bij haar oom en tante in het restaurant. Op Sulawesi spreken maar weinig mensen een beetje Engels maar zij spreekt al aardig wat woorden. Ze blijkt meer in huis te hebben. Oudere kinderen worden door haar met opdrachten de keuken in gestuurd. Gelukkig gaat ze overdag naar school en we zeggen: hopelijk kan zij door studie zich verder ontwikkelen. Ze zal dan in ieder geval een hele goede manager worden.

Meer is Minder

Vandaag gaan we voor twee dagen naar het eiland Pulau Liukanglu. Dat is een

  • Facebook
  • Twitter
piepklein eiland met twee dessa’s ten zuiden van Bira. De boot kan niet helemaal tot het strand komen. Dus we lopen met onze fietsen boven het hoofd door het water. Dat geeft veel bekijks en hilariteit. De bootsman is blij dat hij weer een tochtje heeft want het is laagseizoen en de klanten staan niet in de rij. We komen terecht in Wisma Leukang Loe, direct aan het strand.
De dochter van het gezin zwaait de scepter. Het gezin is superaardig en behulpzaam. In Nederland is het toverwoord ‘klantgerichtheid’,  vaak meer een marketinguiting  zonder veel inhoud. Hier passen ze het gewoon toe. Op de meest eenvoudige en primitieve wijze bereiden ze de maaltijd. Daar hebben ze geen luxe keuken voor nodig. En het smaakt meer dan voortreffelijk. MEER IS MINDER!

  • Facebook
  • Twitter
  • Facebook
  • Twitter

 

 

 

 

 

Aquarium
De wisma is eenvoudig. Een kamer met fan. Maar tegen middernacht wordt de generator die stroom opwekt, uitgeschakeld. Dus de fan heeft niet voor de nodige verkoeling gezorgd. In de vroege morgen douchen we het zweet van onze lijf. Nou ja douchen is een groot woord. De douche is een mandi. Dat is een hele grote emmer met een soort plastic steelpan. We gooien het water met volle scheuten over ons heen en we frissen zienderogen op.

  • Facebook
  • Twitter
Het zeewater geeft niet echt
  • Facebook
  • Twitter
verkoeling. Het is tegen de 30 graden celsius. Direct tegenover onze wisma ligt een koraalrif op ongeveer 30 meter van het strand. We vallen van de ene verbazing in de andere. Het wemelt van de vissen in allerlei soorten, maten en vooral kleuren. Het is voor de eerste keer dat wij zo’n mooi ‘aquarium’ hebben gezien.

  • Facebook
  • Twitter
Tropische tuin
Na een paar dagen luieren op het strand van Bira en het mooie eiland Pulau Liukanglu vervolgen we onze fietstocht richting het noorden van Zuid-Sulawesi. Het belooft een pittige tocht te worden. Veel klimwerk en onverharde wegen. We zijn Bira nog niet uit of de weg gaat met 10% omhoog. Onbewoonde stukken kom je nauwelijks tegen. De huizen zijn als één lint langs de wegen gebouwd. Dus toeschouwers genoeg en veel aanmoedigingen.  Dat hebben we wel nodig als we vele kilometers over een onverhard pad moeten met grote keien. Ongevaarlijk is het niet. De stenen zijn vochtig, de grip wordt minder en regelmatig slippen de wielen van onze fietsen weg. Soms gaat het pad 14% omhoog en lopen over de gladde keien is geen optie. Maar één ding maakt alles goed. De natuur is geweldig. Het is net alsof we door een tropische tuin rijden.

  • Facebook
  • Twitter
Foto, foto
Vandaag gelukkig een makkelijke etappe over betere wegen. Het is heuvelachtig en we zien uitgestrekte rijstvelden, bananenplantages  en viskwekerijen. Tot nu toe verrast Sulawesi ons met een prachtige natuur. De toegankelijkheid en enthousiasme van de mensen is een aparte ervaring. Regelmatig stopt een auto of scooter en we krijgen de vraag: foto, foto?. De mensen willen graag met ons op de foto. Niet alleen dat wij een foto maken maar de meesten hebben een mobieltje met camera. Die fietsende mensen uit Belanda willen ze maar al te graag op hun mobieltje vastleggen.
Slalommen
We gaan op weg naar Sengkang. Daar
  • Facebook
  • Twitter
blijven we een paar dagen om naar de ‘floating houses’ (drijvende
huizen) te gaan kijken. Na drie dagen fietsen is het wel lekker om een ‘rustdag’ te hebben. Kunnen we in ieder geval de kleding laten wassen. We fietsen door het oerwoud met bananen- en kokosnoot plantages. Langs de weg één groot lint met Buginese paalwoningen, afgewisseld met stenen huizen. In deze regio gaat het economisch beter.

We denken dat het komt doordat hier op grote schaal rijst wordt verbouwd.De mensen liggen nu niet meer op een chilplek aan de kant van de weg. Ze hebben van de veranda voor hun woning een soort hangplek gemaakt. Het blijft oppassen en enige concentratie is wenselijk. De weg zit vol met kuilen. Het fietsen heeft soms meer weg van slalommen.

  • Facebook
  • Twitter
Het wassende water
De kwaliteit van de hotels en wisma’s laat over het algemeen nogal te wensen over. Vaak voldoet slechts één hotel aan een redelijke norm. De praktijk leert dat deze hotels ook in het laagseizoen snel vol zitten. De reservering van ons hotel in Sengkang was niet gelukt: VOL. Er toch maar naar toe onder het mom van: ‘je weet maar nooit’. Na een kwartiertje onderhandelen  met de manager was er opeens wel plaats.
Sengkang ligt aan het lake Tempe. Dus met een gemotoriseerde  kano scheurden we over de vaarten en het meer. Op het meer is een dorp van drijvende huizen. De bewoners leven van de visvangst en het water van het meer wordt voor alle doeleinden gebruikt: koken, de was doen, jezelf een wasbeurt geven en moet je even je behoefte doen dan plons je het water in en hupsakee klaar.

  • Facebook
  • Twitter
  • Facebook
  • Twitter

 

 

 

 

 

Verwondering

Soms kun je verwonderd rondfietsen, zoals vandaag. Verwonderd raken door de overweldigende  natuur. Fietsen langs de rijstvelden in een prachtige groene kleur. De Buginese paalwoningen liggen idyllisch verscholen tussen de kokospalmen, bananenbomen  en koffiestruiken. We bezoeken vrouwen die met weefgetouwen onder hun huis prachtige zijden doeken fabriceren. De mensen kijken vanaf de veranda verwonderd toe. Ze roepen, lachen en klappen en willen het liefst met je op de foto. Het toerisme is hier nog totaal niet ontwikkeld. Geen gezeur om geld maar spontane en enthousiaste mensen. We krijgen aandacht en geven aandacht en dat maakt hen zichtbaar blij. Dat geldt ook voor ons. De mensen zijn heerlijk authentiek. We bezoeken een school voor voortgezet onderwijs en krijgen binnen een mum van tijd een hele groep moslima aan het gillen. Het is goed te constateren dat onder de hoofddoeken hele vrolijke en spontane meiden schuilen die je gewoon een hand geven en graag met je communiceren. Ook hier kun je verwonderd over raken.

  • Facebook
  • Twitter
  • Facebook
  • Twitter

 

 

 

 

 

De moskee als wekker

Zuid-Sulawesi is grotendeels islamitisch. Zij zijn niet echt streng in de leer. Zeg maar vrijzinnig-islamitisch.
In elk dorp staan één of meerdere moskeeën. Ze behoren over het algemeen tot de mooiste gebouwen van het dorp. De godshuizen zijn soms reusachtig van omvang. Het lukt vrijwel niet om een slaapplek te bemachtigen zonder dat de nachtrust tegen een uur of vijf in de ochtend onderbroken wordt door de oproep tot gebed van de muezzin. Op voor ons jammerende toon schalt hij door de vervormende luidsprekers van de minaret. We hebben de indruk dat de oproep niet echt succesvol is; slechts een handjevol mensen komt naar de moskee om te bidden.
Vandaag rijden we naar Palopo in het noorden van Zuid-Sulawesi. Hier zien we ook de eerste protestants christelijke en katholieke kerken ooit, voortgekomen uit het werk van Nederlandse zendelingen. De Buginese paalwoningen hebben plaatsgemaakt voor stenen huizen. Het is hier zichtbaar welvarender. Wij blijven een paar nachten in Palopo om ons klaar te maken voor de koninginnenrit naar Rantepao in het Toraja-gebied.

Van het kastje naar de muur
In ons hotel vragen we de wifi toegangscode. ‘Ach wifi doet het even niet maar we gaan het zo maken. Over een paar uur is wifi in orde’, zegt de vriendelijke baliewerker van het hotel. Hoe komen we het snelst in het centrum. De hotelmedewerkers  tekenen een stratenplan maar wijzen ons alle richtingen op. Dan maar vragen om een taxi. Nee alle taxi’s zijn bezet. We wijzen naar een taxi die leeg staat voor het hotel. De schouders worden opgehaald en we stappen in. We willen naar de haven. Daar schijnt het gezellig te zijn. Bij aankomst zien we dat er alleen hele grote schepen liggen; het is er sfeerloos. We maken de taxichauffeur duidelijk dat we naar een leuke plek willen waar we ook kunnen eten. ‘Oh dan moeten we naar een andere haven’, roept de taxichauffeur. Na een klein half uurtje rijden komen we bij de andere haven. We zien geen restaurants maar alleen een paar duistere karaoke-bars. Breng ons maar naar het beste restaurant van de stad vragen we de immer beleefde taxichauffeur die telkens maar ‘excuse me mister’ zegt. Hij laat ons allerlei restaurants zien en we zeggen dat dit het toch niet helemaal is. We rijden al ruim een uur met de taxi door Palopo en uiteindelijk komen we bij het beste restaurant van de stad. En waar ligt het? Vlak bij ons hotel. Het maakt niet uit want de taxi kost nog geen 4 euro. Na een zeer smakelijke maaltijd van krap 4 euro per persoon komen we terug in het hotel. Wifi werkt nog steeds niet. In Indonesië geldt ‘vertrouwen is prima maar controleren beter’

De koninginnenrit
De gezichten staan enigszins gespannen. Het routeboekje vermeldt: ‘Een zware maar fraaie etappe. Je maakt vandaag ruim 1800 hoogtemeters’ . Dat wordt dus afzien. In het hotel hebben ze een prima westers ontbijt geregeld en we stappen gemotiveerd op de fiets. Gisteren heeft op onze weblog een voor ons onbekende Ton gereageerd. Ton schreef: ‘ Mijn schoonzus woont langs de route ongeveer 3 km buiten Palopo. Ze heet Ma Soni en ze zou het heel erg leuk vinden wanneer jullie haar bezoeken’. Ma Soni staat met haar man op het 3 kilometerpunt al te wachten. We worden hartelijk onthaald in hun huis. De tafel is gedekt met allerlei lekkernijen. Ma Soni vertelt vol trots dat ze een beetje Belanda aan het leren is. Dit soort onverwachte ontmoetingen maakt een fietsvakantie zo bijzonder. We zijn onder de indruk van de gastvrijheid en warmte en het doet ons plezier dat het haar goed doet. We gaan verder en de weg voert omhoog door een prachtig oerwoudachtig landschap. We moeten 25 km aan één stuk klimmen. Het routeboekje vermeldt 6 tot 8% maar soms is het 10% en iets meer. Hoe hoger we komen des te koeler het wordt. Dat is een aangename bijkomstigheid want de hitte is hier een belangrijke tegenstander. Hier is fietsen intensief maar ook intens. Intens genieten van het landschap en de mensen. We worden aangemoedigd en een vrouw reikt een kop koffie aan. Van geld wil ze niets weten. We komen in een heel ander gebied. We zien de eerste Toraja-huizen en de mensen zien er anders uit. We zeggen ‘goed gedaan’ en we zijn trots op elkaar wanneer we in Rantepao arriveren. We blijven enkele dagen in het mooiste hotel van de stad om het Toraja-gebied te verkennen enons sponsorproject het weeshuis Pak Orphanage te bezoeken.

  • Facebook
  • Twitter
Kinderweeshuis Pak Orphanage
Vandaag gaan we op bezoek bij het kinderweeshuis  Pak Orphanage iets ten zuiden van Rantepao. Het
kinderweeshuis  wil uitbreiden maar mist daarvoor de financiële middelen. Wij hebben het voornemen om binnen ons relatienetwerk  een sponsorproject te starten zodat de uitbreiding gerealiseerd kan worden. We willen eerst met eigen ogen de situatie waarnemen en er zeker van zijn dat het geld direct ten goede komt van het project. We hebben een intensief gesprek met Manaek, het hoofd van het weeshuis.  Er verblijven nu 12 kinderen en met de uitbreiding wordt het mogelijk om 18 kinderen op te vangen. We worden verrast door de hartelijke ontvangst. De kinderen stellen zich allemaal netjes voor en de wijze zoals de kinderen met elkaar omgaan is vertederend. Het gemis van liefde van ouders wordt gecompenseerd door de liefde die zij elkaar geven. Het is niet alleen de staf die het weeshuis runt; ze doen het met elkaar. Alle kinderen hebben een taak en als een natuurlijke vanzelfsprekendheid voeren zij hun taak uit. De zelfstandigheid van de kinderen is zichtbaar en voelbaar. Naast het feit dat het weeshuis voor de kinderen een thuis is, gaan zij ook naar school. Onderwijs is essentieel voor de ontwikkeling van de kinderen. Een deel van het onderwijs wordt in het weeshuis gegeven. Daarnaast gaan de kinderen naar het basis-, voortgezet- en hoger onderwijs. De uitbreiding van het weeshuis is, naast de opvang van meer kinderen, gericht op de bouw van een studieruimte met bibliotheek en een speelruimte. We zien dat het hard nodig is. Alles wat ze nu hebben is eenvoudig maar het functioneert. De uitbreiding van het weeshuis brengt de kinderen weer een stap verder. Wij besluiten om het project handen en voeten te geven. De komende weken gaan we het plan uitwerken om het benodigde geld bij elkaar te brengen.
Een rondje Toraja
Het toerisme is in Rantepao veel meer ontwikkeld dan in de rest van Zuid-Sulawesi. De toeristen gaan rechtstreeks van Makassar naar Rantepao om de highlights van het Toraja-gebied te bekijken. Wij doen ook zo’n dagje. We regelen een taxi die ons brengt naar de dingen die je gezien moet hebben. We doen dat met enige tegenzin. We houden
  • Facebook
  • Twitter
er eigenlijk helemaal niet van om naar plekken te gaan waar bussen met toeristen komen. Gelukkig zijn we in het laagseizoen dus de drukte valt mee. Dat toeristen de locals verpesten merken we direct. Een vreemde gids helpt ons een handje en vraagt direct om een tip. We rijden eerst naar Londa en Lemo. De omgeving is prachtig. Temidden van de typische Tongkonan huizen, rijstvelden, cacao-, kruidnagel- en koffiebomen verheft zich een indrukwekkende  klif met op grote hoogte grafnissen van de plaatselijke adel met de typische tau-tau poppen. Veel kisten zijn open en je ziet schedels en botten. Door naar Kete Kesu. Dit is een soort openluchtmuseum  van Tongkanan huizen. Wij vinden het niet de moeite waard. Het is niet meer dan een toeristische attractie. Je kunt veel beter een authentiek Tongkanan dorp bezoeken dan krijg tenminste een realistisch beeld van het dagelijkse leven.

  • Facebook
  • Twitter
We gaan verder om een begrafenisceremonie mee te maken. Zo’n ceremonie duurt 1 tot 7 dagen. De grootsheid van deze festiviteiten hangt af van de klasse waartoe de overledene behoort. Na het overlijden van iemand kan het maanden of zelfs meer dan een jaar duren voordat de begrafenisceremomie plaatsvindt.

Na het overlijden wordt het lichaam gebalsemd en blijft gewoon in huis tot het moment van de begrafenisceremonie.
We worden door de familie hartelijk ontvangen en geven een presentje zoals dat hoort. Wij vinden een begrafenis een intieme gebeurtenis maar hier denkt men daar anders over. Iedereen is welkom. Tijdens de festiviteiten worden varkens en buffels geofferd. Het is een bloedig tafereel. Er klinken schrille kreten van de varkens. Mannen kelen de varkens met een groot mes. In een mum van tijd halen zij de ingewanden er uit en ligt het varken op de barbecue. We zeggen: ‘een partij voor de dieren zou hier geen enkele kans maken’.

Stijve spieren
Vandaag doen we niet veel. De klim van Palopo naar Rantepao heeft onze spieren stram gemaakt. Dus we laten ons heerlijk verwennen met een Indonesische massage. Nou ja verwennen, soms is het ook op de tong bijten. We spreken in ons hotel vier fietsers  uit Nederland. Zij fietsen dezelfde route als wij via AWOL. Dus even ervaringen uitwisselen. We maken een rondje over de locale markt van Rantepao en bezoeken de buffel- en varkensmarkt. De dierenbescherming  in Nederland zou de taferelen sterk veroordelen maar hier hoort het bij de levenswijze. In een fraai restaurant waar we een kop Toraja-koffie drinken, verkopen ze ook prachtig houtsnijwerk. We zijn weg van een fraai beeld maar het is te groot om mee te nemen. Dus we laten het verschepen naar Nederland. Het beeld krijgt vast en zeker een mooi plaatsje in ons nieuwe huis.

  • Facebook
  • Twitter
Vergane glorie
Het belooft vandaag een fraaie maar zware rit te worden. Vandaag fietsen we voor de laatste keer door het Toraja-gebied. De eerste 25 km gaan we niet over de hoofdweg maar nemen een klein weggetje dat ons langs fraaie Toraja-dorpen voert. Hier kom je in aanraking met het leven van alledag. Het landschap is adembenemend mooi. We stappen geregeld af om een plaatje te schieten. Vaak is het asfalt helemaal weg en fietsen we over de keien. Het is af en toe flink klimmen. Een behoorlijk aantal steile klimmen van zo’n 18% doen een ware aanslag op onze beenspieren. De prachtige omgeving vergoedt veel. We fietsen het Toraja-gebied uit en dat merken we meteen. De vele christelijke kerken maken plaats voor moskeeën, de stenen huizen worden deels vervangen door Buginese paalwoningen en de ingetogenheid van de christelijke Toraja’s maakt plaats voor  spontaniteit en enthousiasme van de moslims. Dat laatste zou je eigenlijk niet verwachten. We komen aan bij ons hotel. Het hebben een aantal reviews gelezen. Het moet een prachtig hotel zijn in een prachtige omgeving. Inderdaad de omgeving is prachtig. Maar het hotel heeft zijn beste tijd gehad. Zoals we bij veel hotels hebben gezien, is onderhoud een ondergeschoven  kindje. Ook hier is het inmiddels vergane glorie met de nodige gebreken.

Terugblik
We hebben nog vier fietsdagen voor de boeg naar het eindpunt Makassar. Dus we blijven een dagje genieten van de werkelijk schitterende omgeving. We blikken terug en zeggen dat het één van onze mooiste fietsvakanties is. De puurheid van Zuid-Sulawesi het tropische landschap en fantastische mensen. We zijn blij dat we voor AWOL (Asian Way Of Life) te Amersfoort hebben gekozen. Het routeboekje is onmisbaar en voldoet prima. Dank aan de uitzetters van de route Bert en Henriëtte. Jullie hebben goed werk gedaan. De zwaarte van de route is een echte vier door het soms slechte wegdek en het vele, af en toe steile, klimwerk. Alle wijzigingen die we onderweg zijn tegengekomen, zullen we aan AWOL doorgeven om het routeboekje zo up to date mogelijk te houden. Het grootste probleem zal worden om een goede selectie te maken uit de vele foto’s.

Kind met kinderen
Na een rustdag hebben we er weer zin in. We worden enthousiast uitgeleide gedaan door het hotelpersoneel. We rijden door een prachtige weelderige natuur met bergen op de achtergrond. Het is weer flink klimmen. Het routeboekje noemt dit kuitenbijters maar de aanslag op de kuiten is nog niet verdwenen of er doemt een nieuwe klim op. Onze grootste tegenstander is de hitte; het is maar liefst
38 graden. Onze bidons moeten we geregeld bijvullen. Dat is geen probleem met de vele warungs langs de weg. Zoals overal wemelt het ook hier van de kinderen. Hier hebben de desa’s geen last van krimpende scholen. We beschikken niet over bevolkingscijfers  maar we hebben de indruk dat de bevolking snel moet toenemen. We zien jonge meiden met één of meerdere kinderen en de bolle buik laat zien dat er een volgende op komst is. Een kind met kinderen.

Onderscheidend vermogen
Veel mensen hebben hier een handeltje. Het barst van de stalletjes langs de weg. En ze zijn allemaal hetzelfde. Je zou zeggen doe eens wat anders. Dan val je tenminste op. Het zit kennelijk niet in de aard van de Indonesiërs. We fietsen langs uitgestrekte rijstvelden. De mooie groene kleuren blijven ons verwonderen.We stoppen voor een foto.

  • Facebook
  • Twitter
Een gezin van het huis aan de andere kant van de weg loopt uit. Natuurlijk willen ze op de foto. We worden uitgenodigd in hun huis en we worden verwend met overheerlijke zelfgebakken cake. Het gezin geniet er van dat wij er tijd voor nemen. En wij genieten van de gastvrijheid. Dit is in Nederland ondenkbaar. Over onderscheidend vermogen gesproken! ‘s-Avonds lopen we naar het hotel. Een stel jongens spelen een wedstrijdje zaalvoetbal in een half-open sportzaal. We worden uitgedaagd om mee te spelen. Die kans laten we niet lopen. Na vijf minuten zijn we door en door nat van het zweet. We winnen met 5-3. Niet door onderscheidend te voetballen maar door inzet en fysiek overwicht. Na de wedstrijd natuurlijk met z’n allen op de foto.

Paffen
Nog twee etappes te gaan. En dan ter afsluiting nog een paar dagen naar een idyllisch  eiland voor de kust van Makassar. Het landschap is weer weelderig. We fietsen door vele desa’s. De winkels en warungs zijn niet geconcentreerd in een winkelstraat maar liggen verspreid. Dat maakt niet uit. Indonesiërs lopen niet. Zij doen alles op de scooter. In deze streek zijn de moslims wat zwaarder op de hand dan in de rest van Zuid- Sulawesi. De mensen zijn wat meer ingetogen en de moskeeën trekken meer gelovigen. Dit soort stromingen komen we op de Veluwe ook tegen. Halverwege een etappe nemen we meestal een sop mie (miesoep). Dit keer smaakt het uitstekend. Terwijl de man de soep serveert, knielt zijn vrouw op een kleedje voor het middaggebed. Even later snelt hij naar de moskee. Waar we ook komen, overal wordt door het mannelijk geslacht stevig gerookt. Hele jonge jongens paffen de ene sigaret na de andere. Hier geen teksten op de pakjes om helder te maken wat roken betekent voor de gezondheid. De tabaksindustrie  draait hier op volle toeren. En de Indonesiërs zijn zich van geen kwaad bewust.

De finale
Vandaag de laatste etappe van krap 100 kilometer. Het is ook een soort evaluerende

  • Facebook
  • Twitter
etappe. Tijdens het fietsen schieten veel voorgaande etappes aan ons voorbij met de mooiste herinneringen. Dat is een mooie afleiding. Want in de eerste helft van deze rit zit weer veel klimwerk. Vanaf Palopo is het iedere etappe veel klimmen en dalen en fysiek is dat te merken. Zeker als de temperatuur de 39 graden aantikt. De laatste 30 kilometer fietsen we door als maar drukker wordend verkeer. Het is een unieke ervaring om als enige fietsers tussen al die scooters en auto’s te verkeren. Velen steken de duim op maar de gelaatsuitdrukking zegt genoeg: ‘mij niet gezien’. Natuurlijk is het intensief maar het is intens genieten van het dagelijkse leven op Zuid- Sulawesi. Puur natuur! Pure mensen en een puur landschap. We zullen nog lang nagenieten.

  • Facebook
  • Twitter

 

 

 

 

 

Het zit er op

De laatste dagen verblijven we in Makassar. Eerst maar de fietsen klaarmaken voor de terugreis. Dan een Bintang drinken in het café schuin tegenover het hotel. Enkele opgedirkte dames zoeken klandizie. De aftrek is niet gretig. De dag erop gaan we naar het idyllische eiland Samalona. Lekker even relaxen op het strand en dollen met de kinderen. Een man heeft zojuist drie baracuda’s gevangen en legt ze voor ons op de barbecue. Dat is smullen geblazen. De laatste dag nemen we een betcak naar de vismarkt. Het stinkt er enorm. Er ligt een verscheidenheid aan vissen en de mannen hakken de vissen in moten. Natuurlijk moeten we ook even in de grote moskee gaan kijken. Ook hier een handjevol mensen die de gebedsoproep beantwoorden door daadwerkelijk naar de moskee te komen. We laten de stramme spieren nog een keer masseren. De dames houden van het harde werk dus we vragen ons af of het nut heeft. ‘s-Avonds eten in de Chinese buurt.Gelakte eend en een visschotel. Het afscheidsdiner beantwoordt aan de smaak die we hebben overgehouden aan deze geweldige fietsvakantie op Zuid-Sulawesi.

Met dank aan Asian Way of Life (AWOL). Het is een aanbeveling waard.

  • Facebook
  • Twitter