Indonesië Bali & Lombok, fietsen met een kind

  • Facebook
  • Twitter
De eerste dag bestaat uit fietsen in orde maken en boodschappen doen. We hadden wel verwacht dat Famke veel aandacht zou krijgen, maar zoveel. Iedereen zwaait en lacht naar haar of maakt een praatje. Ze krijgt ook vaak een aai over haar wang, gelukkig maakt Famke hier niets van. Als we boodschappen aan het doen zijn en Famke slaapt wordt er een foto van haar gemaakt, dat is toch wel het toppunt. Later deze reis blijkt dat dit nog veel vaker gebeurt.

‘s Middags hebben we nog even de tijd om naar het strand te gaan. Famke voor het eerst in de zee, wat vindt ze het prachtig. Eerst was ze nog wat afwachtend, maar daarna glundert ze helemaal en is niet meer te houden.

De eerste fietsdag, we hebben er zin in en vinden het ook wel spannend. Nu begint het echt! De eerste kilometers zijn druk. We moeten dan ook Kuta uit, wat een gekkenhuis. Famke maakt zich er niet druk om, ze slaapt binnen 20 minuten. Hoe verder we komen des te meer stukjes groen we zien. We komen op tijd aan in Tanah Lot. Waar we weer de hotelkamer verbouwen, zodat Famke lekker kan slapen. ‘s middags gaan we naar Pura Tanah Lot. Uit ons reisboekje: Toen een hogepriester (die de Islam op Java was ontvlucht) over Bali reisde, werd hij getrokken door een licht dat ergens van de westkust kwam. Daar stopte hij om te mediteren. De plaatselijke bevolking vond dat zeer interessant en begonnen lessen bij hem te volgen. Een lokale leider werd jaloers en daagde de priester uit. Onaangedaan verplaatste de priester het land in zee. Wat de naam ‘tempel van het land in de zee verklaart. Hij gooide zijn sjerpen in zee, deze veranderde in giftige zeeslangen. Ze zouden zich nog altijd in de grotten van de tempel bevinden.

De eerste nacht dat Famke weer volledig in haar ritme zit. Ze heeft heerlijk geslapen en word weer vertrouwd 6.15 uur wakker. Dat vinden wij helemaal niet erg, want bij deze temperaturen kan je niet vroeg genoeg op de fiets zitten. We zijn nog maar net op weg en zien een bakker, deze heeft heerlijke zoete broodjes, hopelijk komen we dit vaker tegen. Famke zit eerst een tijd voor op de fiets in de lounge stand, dat wil zeggen de benen lekker over het stuur en maar uit haar flesje drinken. Ze drinkt super en ook de o.r.s gaat er goed in. We zien velen op de rijstvelden werken, een mooi gezicht. Famke wijst naar alles wat ze ziet, klapt in haar handjes en begint nu ook terug te zwaaien naar de mensen aan de kant. Als ze moe wordt gaat ze slapen in de kar. We stoppen even later om de tempel Ayun te bezoeken. We zijn nog net op weg als we stuiten op een file. Het blijkt dat we achter een begrafenis stoet aanfietsen, maar van de verte lijkt het meer op een feest. Een crematieceremonie op Bali is zeer bijzonder. Na de dood wordt het door de ziel geleende lichaam weer terug gegeven aan de vijf elementen- wind, aarde, vuur water en lucht- om de ziel te bevrijden. Die kan dan op de aarde reïncarneren of wordt een goddelijk Opperwezen. Er wordt nooit openlijk gerouwd, omdat de ziel het lichaam dan niet wilt verlaten. Een crematie is zo duur dat een familie vaak pas na jaren met andere familie een ceremonie houdt, zodat de kosten verdeeld kunnen worden. Het lichaam wordt dan eerst op een lokaal kerkhof begraven. Als een lichaam begraven is geweest wordt de ziel in beeltenis naar huis gebracht. Het lichaam wordt gewassen, maar als er geen lichaam is, dan wordt die handeling gesimuleerd op de tekening van een mens.

Tientallen mannen nemen de toren op de schouders en starten een luidruchtige processie. Op kruispunten draaien ze de toren rond, zodat de ziel de weg niet meer terug kan vinden. Hier zaten wij dus achter, bijzonder om dit mee te maken.Vlak voor Ubud zien we veel kunstnijverheid. Doordat de grond in dit gebied heel vruchtbaar is en oogsten altijd rijk, hoefden boer weinig aan het land te doen en hielden ze dus veel tijd over voor kunstnijverheid. Oorspronkelijk werd kunst op Bali als een verplichting aan de goden gezien, maar het toerisme heeft hier enigszins verandering in gebracht. ‘s Avonds eten we bij café Lotus, waar we uitkijken (hoe kan het ook anders) op een grote vijver vol lotus en op het paleis. We gaan weer lekker vroeg op pad. Voor we gaan komt de kok nog even bij ons kijken. Jeroen is de kar achter de fiets aan het zetten. De kok vraagt aan mij of de kar mee gaat als je naar rechts gaat, nou gelukkig doet hij dat, anders hadden we een probleem. Toch vraag ik aan Jeroen of ik zijn vraag wel goed gehoord heb. Even later zien we hem met een gewone huis, tuin en keuken schaar het gras knippen. Ja, zo hou je mensen aan het werk. We rijden Ubud uit, eerst een korte afdaling en dan begint het feest, 20 km klimmen! Voordeel hoe hoger we komen hoe koeler het wordt. Wat is dit zwaar. Famke slaapt het eerste deel van de klim en als we bijna bij de koningsgraven komen wordt ze weer wakker. We besluiten er een kijkje te nemen. Het is druk hier en Famke is weer even interessant als de toeristische trekpleister zelf.

  • Facebook
  • Twitter
Het was een lekkere stop, we stappen op de fiets om weer verder te klimmen, wat zijn we blij als we mogen afdalen, 10 km lang heerlijk! We gaan opzoek naar een hotel in Bangli, we hebben er twee bekeken en zien hier onszelf niet slapen, ook is er geen knappe eetgelegenheid in de omgeving. Met zijn tweeën hadden we het nog wel gedaan, maar niet met Famke erbij. We kijken of we een bemo kunnen regelen die ons op weg kan brengen, dit is de volgende locatie waar we naar toe zouden fietsen. We hebben de taxi zo geregeld. Een gaar busje waar 1 fiets en de kar op het dak gaan, 1 fiets past in het busje zelf. Nog even over de prijs onderhandelen, dit gaat met pen en papier. Later deze reis blijkt dat we behoorlijk zijn afgezet, al is het voor Nederlandse
begrippen nog niet veel. Op naar de volgende etappe, wat zijn we blij. Bij de eerste accommodatie is er geen plek meer, maar bij de tweede hebben we meer geluk en er wordt ook nog voor ons gekookt. En hoe! Na het douchen, krijgt Famke eerst haar eten en gaat daarna naar
bed. Ze is moe van deze dag, maar wat heeft ze genoten. Jeroen en ik schuiven daarna aan, wat hebben we een trek. Het voelt goed hier en we besluiten nog een dag te blijven.

Jeroen had gisteren de klamboes opgehangen en daardoor konden we de ramen lekker open zetten ‘s nachts. We hebben heerlijk geslapen met zijn allen, Famke weer in haar geïmproviseerde bed, we worden er steeds handiger in. Ondertussen hebben we ook een sjaal gekocht. Niet omdat het hier zo koud is, maar je komt hier maar weinig kinderstoelen tegen en zo kunnen we Famke op een gewone stoel vast zetten, het werkt ideaal. We ontbijten in het restaurant al uitkijkend over de sawa’s, het is hier erg mooi. We gaan lekker een eind wandelen, daarna gaat Famke slapen en pakken wij ons boek. In de middag gaan we het dorpje in om wat boodschappen te doen en een terrasje te pakken. Famke heeft een nieuwe hobby gevonden, mieren achter nagaan. Ze zijn hier dan ook wat groter, ze heeft er veel lol in. We rusten goed uit van deze dag en kijken uit naar morgen, dan gaan we weer naar de kust.

We zitten op de boot naar Lombok en aangezien deze tocht 4,5 tot 5 uur gaat duren (kan ook nog langer), dacht ik maar om de tijd te doden wat te gaan schrijven. We zijn weer vertrokken vanuit de fantastische homestay, waar we ook nog een lunchpakket van de kok mee krijgen. Hij bakt zijn brood zelf en dat kan hij goed. Het zal wel het lekkerste brood van de hele reis worden. Het is vandaag een mooie route, zo hadden we Bali voorgesteld, we komen langs vele rijstvelden. Ook komen we langs salak plantages, dit zijn vruchten die goed de dorst lessen. Uiteraard moeten we dat even proberen. We hebben eerst nog een klim van 8 km en dan 15 km afdalen. Heerlijk, wat is dit genieten. Famke schatert het uit. Wij zingen luidkeels en Famke klapt in haar handen. Af en toe stoppen we om een foto te maken, het is hier ook zo mooi. Vlak voor Candi Dasa hebben we een korte klim en dan zien we de zee. We gaan weer naar een homestay, want deze zijn tot nu toe goed bevallen. Bij deze kijken we uit over zee, wat een rust. Eerst nemen we met zijn drieën een duik in zee, voordat we gaan douchen. Jeroen gaat nog even snorkelen, als ik bij hem ga kijken is hij wel erg ver weg. Ik ga toch maar even vragen bij een paar mannen met bootjes of het niet gevaarlijk is. Je weet het maar nooit met de zee. Het blijkt er niet diep te zijn en er zijn bijna geen golven. Gerustgesteld ga ik kijken of Famke al wakker is. Bij deze homestay zit er ook weer een restaurant. We geven eerst Famke eten en wij nemen alvast een voorgerecht, als we Famke in bed hebben gelegd gaan we zelf verder met eten, Lang leve de babyfoon. ‘s Avonds bij een borrel proberen we een krettek sigaret, hier zit kruidnagel in. We vinden het niet super en besluiten de rest van het pakje maar aan iemand te geven die er wel blij mee is. We moesten het toch even proberen. Jeroen geeft Famke haar avond fles nog en dan gaan we lekker slapen, heerlijk met de geluiden van de zee op de achtergrond.

  • Facebook
  • Twitter
We vertrekken vroeg uit Candi Dasa, het is maar 13 km fietsen. We hadden eerst gedacht nog een nachtje op Bali te blijven, maar met zo’n korte tocht besluiten we toch door te gaan naar Lombok. We komen om 10 uur aan. Vaste vertrektijden heeft de boot niet echt, ongeveer elk 1,5 uur vertrekt er 1. We moeten 3 kwartier wachten, gelukkig staan we in de schaduw. Op de boot zetten we de fietsen goed vast, want deze boot schijnt nogal te schommelen, de spullen nemen we mee. Als we boven komen, worden we begeleid naar een soort hok, hier liggen allemaal matrassen. Er zijn al meerdere gezinnen die er gebruik van maken. Voor de matrassen moeten we veel betalen, maar wat maakt het uit. We zitten lekker en de spullen staan veilig. Ook niet onbelangrijk, Famke heeft er de ruimte. Ze heeft moeite om in slaap te komen, maar als Jeroen haar in de draagzak doet lukt het wel. We leggen haar lekker op een matras en even later liggen vader en dochter heerlijk te slapen. Hoe goed we daar ook zitten, na 5 uren ben ik zo blij als we in Lembar aankomen. We pakken de fietsen en er staan genoeg taxi’s ons op te wachten die ons naar Senggigi willen brengen. Dat willen wij ook graag en snel. Het loopt al tegen 17:30 uur en het is nog best een stukkie rijden. Famke vind het nog steeds prima en met chips als avondeten heeft ze al helemaal geen probleem. Als we bij een homestay aankomen ga ik met Famke nog wat eten (want ja alleen maar chips) en Jeroen gaat ondertussen de spullen naar de kamer brengen en een bedje voor haar regelen. Dit lukt aardig met behulp van een ligbed die bij het zwembad stond.Als Famke lekker ligt, gaan Jeroen en ik dan ook eindelijk eten en wat zijn we blij als we in ons bed kruipen. Wat een dag!

We doen het ‘s morgens heerlijk rustig aan, lopen naar het centrum om wat boodschappen te doen en vinden een bakker (deze kom je niet zo vaak tegen) De bakker heeft heerlijk brood, kaas en boter, hebben wij vandaag een lekkere lunch. Dan plompen we de zee in en daarna gaat Famke lekker slapen. Ondertussen pakken wij ons boek en kijken vanaf ons balkon over zee. Om toch nog wat te doen lopen we na Famke haar dutje naar een tempel die gelegen aan zee, dit was zeer de moeite waard. We zijn heerlijk uitgerust van deze dag.

Hoewel het maar 25 km fietsen is vandaag, belooft het een zware tocht te worden. We gaan langs de kust en na elke baai volgt een klim, echte kuitenbijters! Af en toe moeten we toch echt even lopen, want 18 á 20 % is net even te veel. Van de afdalingen koel je wel lekker af. Wat is het hier mooi, helder blauw water, witte stranden en palmbomen. Het zijn de klimmen zeker waard. Een klein groepje kinderen duwen ons een stukje voort. Lekker hoor, maar waar waren jullie 200 meter terug, toen we een flinke klim hadden?

In een klein restaurant laten we onze fietsen achter en daarna lopen we naar de haven, deze ligt hier 300 meter vandaan, ideaal. We hebben mazel, over een kwartier gaat er een boot naar Gili Meno. Dit is het kleinste eiland en het meest rustig. Het is een kleine boot en er zijn best wat golven. Af en toe worden we flink nat gespat, heerlijk. Het is ongeveer een half uur varen en al liedjes zingend zien we Gili Meno verschijnen. Nog even een paar stappen door het water en we zijn aan land, met 3 man wordt de kar eruit getild. Het is even zoeken naar een goed hotel, maar ook dat komt goed. Morgen blijven we hier lekker een dag.

Wat is het hier mooi en door de wind ook zeer aangenaam. Na het ontbijt gaan we kijken of Jeroen een halve dag kan snorkelen met een gids. Het wordt duiken, alleen maar leuker. Ik ga met Famke eerst even een bakkie doen en dan naar het strand. Wat geniet ze hier toch van, als ik van zand een hoopje maak, dan weet ze niet hoe snel ze het weer kapot moet slaan. Dit houden we een tijd vol. Ook de zee is het weer helemaal, samen zitten we in het zand de golven op te wachten. Ondertussen is Jeroen aan het duiken. Het is duiken geworden, omdat snorkelen niet echt goed mogelijk is, vanwege de stijl aflopende kust en de hoge golven. Eerst gaan ze met een boot naar Gili Air, waar ze een duikinstructie in het zwembad krijgen. Daarna met de boot ongeveer een km van de kust, waar ze in het water plonsen. Eerst afdalen via een touw zo’n 6 meter diep en dan langzaam verder tot 12 meter diep. Het is super mooi. Honderden of misschien wel duizenden vissen in de meest uiteenlopende vormen en kleuren. Prachtig! Verder zien ze bij een rif een schildpad van ca. 1 meter happen naar koraal. Op het vaste land op Gili Meno zetten ze zich hard in voor het behoud van deze schildpadden en als je er dan een in open water ziet zwemmen is dat een mooi gezicht. Verder zien ze nog koraalvissen (rood/paars met zilveren stippen), grote witvis van ongeveer 80 cm die zichzelf opblazen, lionfisch, ect. En niet te vergeten Meno. Omdat het duiken prima ging kreeg Jeroen een brevet, waardoor hij binnen een jaar geen introductie meer nodig heeft in een zwembad. Wie weet lukt het verder in deze reis nog een keer om te duiken.

We

  • Facebook
  • Twitter
 gaan vandaag weer terug naar waar onze fietsen staan. Ze staan in de keuken van het restaurant. Het is van een Nederlandse eigenaar en zijn vrouw die uit Sumatra komt. Ze hebben drie kamers in de tuin, dus besluiten we er een nacht te blijven. De man heeft al een tijd geen Nederlandse gasten gehad en lult ons dan ook de oren van de kop. Wel gezellig. Hij laat ons de kamers zien en deze zien er keurig uit. Als we een kast verschuiven komen er een paar Gekko’s achter vandaan, dit zijn reptielen die lijken op salamanders en ze danken hun naam simpel omdat ze Gekko zeggen. Het is een heel apart geluid, ze doen je niets, toch vind ik het wel fijn als ze de kamer uit zijn. Dus gaat Jeroen op Gekko jacht. Hij probeert ze naar de badkamer te drijven, wat lukt op één na. Deze slaapt toch bij ons en het is natuurlijk verbeelding, maar ik heb toch het idee dat hij ‘s nachts over me heen is gekropen. Famke wordt met de dag handiger met lopen, mooi om te zien. Een klein opstapje loopt ze zo op. Verder snapt ze het als we zeggen omdraaien. Ze zakt dan door de knieën, draait zich om en gaat dan op haar buik de trap af. Wel handig, want bijna elk terras eindigt met een trapje. Het terras is van tegels en keurig schoon. Voor je het terras op gaat is het dan ook de bedoeling dat je je slippers uit doet, een gebruik waar wij graag aan mee doen en heerlijk schoon voor Famke.

We verlaten weer vroeg ons verblijf in Bangsal, het eerste gedeelte is redelijk vlak. We komen langs een markt, het is hier een gekkenhuis. Heel wat anders als de donderdagmarkt bij ons. Het kost moeite om er langs te komen, niemand heeft hier haast. We stoppen om wat bananen en kleding voor Famke te kopen. Het is erg droog hier, het gras is dor en de rivieren staan droog. We komen steeds meer moskeeën tegen, hoe verder je van Senggigi afkomt hoe Islamitischer het word. Ook de bijbehorende geluiden vliegen ons steeds meer om de oren, standaard worden we om ongeveer 5 uur ‘s morgens gewekt door een moskee.

Op Lombok wordt Jeroen steeds aangesproken met mister, tegen mij wordt er niet zo veel gezegd en naar Famke toe wordt er vrolijk gezwaaid. Nadat we 50 km gefietst hebben pakken we een bemo, omdat de volgende kilometers flink klimmen zijn. Als we in de taxi zitten blijkt het geen slechte keuze te zijn. We laten ons gelijk naar de eindbestemming van volgende etappe brengen. We moeten wat dagen inhalen, anders komen we niet goed uit. We komen aan in ons goedkoopste, maar ook gaarste verblijf tot nu toe. Het is hier wat improviseren, maar dat weet je als je zo’n reis maakt. Ze zijn hier ongelofelijk lief voor Famke. Ook zijn ze zeer behulpzaam met het creëren van een bed voor Famke. Het voelt goed hier, toch ben ik blij dat we morgen weer verder gaan.

We hadden vanmorgen een trage start. Eerst 3 kwartier moeten wachten op 2 pannenkoeken, het kost wat geduld, maar het was het wachten waard. Als we bijna willen vertrekken zien we dat er een band van Famke haar kar lek is. We doen er snel de reserve band in en dan gaan we eindelijk. Gelukkig gebeurde het hier waar veel schaduw is en waar Famke door een paar vrouwen vermaakt wordt. Het begin is een mooie rustige route. Als we ergens stoppen hebben we weer genoeg aandacht. Er wordt dan gevraagd waar we vandaan komen, hoe oud Famke is, haar naam is of we het een mooi land vinden, etc. Het is een nieuwsgierig vriendelijk volk.

We besluiten vandaag 35 km te fietsen en dan de bemo naar Tetebatu te pakken. Op 35 km zit een goed restaurant waar we eerst nog even een happie eten. Waar we vandaag terecht komen is echt schitterend, het ligt tussen de rijst en tabaksvelden en er is heerlijk eten. Het is een heel verschil met de vorige locatie, maar dat maakt het ook zo leuk. We stappen lekker in bad en maken gelijk Famke haar speeltjes schoon. Dat doen we regelmatig om het toch enigszins hygiënisch te houden. We besluiten hier een nacht extra te blijven.

Tetebatu is een koel bergdorp. We zitten in de accommodatie

  • Facebook
  • Twitter

Wisma Soedjono, dit is opgezet door dr. Soedjono, dit was de eerste arts op Lombok. Zoals ik al eerder schreef heb je hier prachtige sawa’s en heldergroene tabaksvelden. We gaan al dit moois van dichtbekijkend samen met een gids, Famke gaat lekker in de buikdrager. Onderweg vertelt hij veel. We zien hoe nootmuskaat, kruidnagel, papaja, vanille, zwarte peper, avocado en lychees aan de bomen groeit en hij haalt gember en saffraan uit de grond. Verder legt hij uit hoe de rijst wordt verbouwd. We kijken hoe waterbuffels met een ploeg het veld voorbereiden. Er is een veld waar ze jonge planten kweken en die zetten ze dan in het terras, na 4 á 7 maanden oogsten ze de rijst, dit is afhankelijk van het soort. Onderweg lopen er een aantal kinderen met ons mee, op hun blote voeten stappen ze door het water, ze zijn behendiger dan wij op de kleine paden.

Ook zien we de vele tabaksvelden. Er zijn niet veel boeren die dit verbouwen. Het is een vrij dure plant. Als de bladeren geel zijn halen ze deze eraf en drogen ze het in de oven. Hier verbouwen ze het voor Philip Morris. Het is een schitterende wandeling. Na de wandeling gaat Jeroen de band van de fietskar plakken en zijn ketting nakijken, deze hapert af en toe. Voor de rest doen we het rustig aan vandaag. Als we ‘s avonds met Famke nog een ommetje maken komt er een medewerker meelopen en neemt Famke op zijn arm. Hij sleept haar het hele dorp door, iedereen moet haar even zien. Verder vraagt hij of we schriften willen kopen. Wij kopen ze, zodat kinderen ze hier op school kunnen gebruiken.

Om 5 uur galmen de moskeeën weer de weide wereld in. Het lijkt wel of ze tegen elkaar aan het opboksen zijn. Het is vandaag niet erg, want we willen vroeg vertrekken. Het is de bedoeling dat we twee etappes achter elkaar gaan fietsen. Met nog 6 euro in roepia´s op zak stappen we op de fiets. Het wordt tijd dat we een pinautomaat tegen komen. Het is heerlijk koel als we vertrekken. Het is een mooie rustige route, alleen rond Praya is het druk en af en toe moeten we ons langs een Pasar (markt) heen werken. Een tijdje rijdt er een man op een brommer naast ons. Hij is leraar Engels en vindt het maar wat mooi wat we doen. Veel van de etappe is ligt dalend, we komen van 400 meter en gaan weer terug naar de kust. Wel is de weg op sommige stukken erg slecht en we krijgen dan ook onze tweede lekke band, weer aan de fietskar. Dit zijn wel de meest gemakkelijk te verwisselende banden.

We fietsen weer lekker verder en het is echt een schitterende route, niet al te laat komen we in Lembar aan. Het eerste hotel is het niet helemaal, een bedje voor Famke is moeilijk en het is er niet schoon, zeg maar smerig. We gaan verder kijken bij een guesthouse, dit is stukken beter. De eigenaresse is net een lunch aan het maken voor een aantal werklui en we kunnen zo aanschuiven. We krijgen heerlijke vis van de bbq en een groentesoep rijk gevuld met aardappels, wortels en sperziebonen. We halen het uit het vocht en prakken het voor Famke, nou die smult, eindelijk iets wat een beetje op Hollandse pot lijkt. Al zit hier natuurlijk wel wat pit aan. Weer wordt er gevraagd of ze geen melk moet, kinderen hier krijgen veel langer melk als enige voeding. Dat is natuurlijk niet zo gek, het is goedkoop en uit de borst wel zo hygiënisch. Ze vinden het maar gek dat Famke al “vaste” voeding krijgt. We gaan ‘s middags nog even bij de haven kijken. Gelijk kijken wat de vertrektijden ongeveer zijn, want ja, hier weet je het maar nooit. We besluiten morgen de boot van 7.00 uur te nemen, dat wordt vroeg opstaan.

Vandaag weer met de boot terug naar Bali. Dat we nou veel zin hebben in deze boottocht, nee. Het was de heenreis wat tegen gevallen. Wat blijkt nou er zijn verschillende boten, je moet maar net mazel hebben. Op de heenweg hadden we een oude trage en nu een wat nieuwere, deze gaat iets sneller. Er wordt een hut van de bemanning aangeboden. Uiteraard tegen betaling. Hier betalen we minder voor als de twee matrassen op de heenreis. Ja, die hebben goed verdient. Maar goed we zitten nu in een cabine met 3 matrassen, waar onze spullen veilig staan. Famke kan er heerlijk haar gang gaan. Af en toe lopen we een rondje. De terugreis gaat super relaxt, na ongeveer 4 uur meren we aan. Nu nog 13 kilometer fietsen en dan belanden we bij de homestay waar we al eerder zijn geweest. Het voelt een beetje als thuiskomen, het is dan ook een mooie locatie en schoon. We duiken nog even de zee in en ‘s avonds belanden we weer bekaf in bed. Hoe mooi Lombok ook was, het is fijn dat we niet meer gewekt worden door een moskee.

  • Facebook
  • Twitter
Om 6.15 uur worden we uitgerust wakker. Het scheelt maar een uur, maar uit je jezelf wakker worden is toch prettiger. We zien weer de vele offers aan de kant van de weg, het schijnt dat een doorsnee huishouden minstens de helft van zijn inkomen besteed aan offers. Een groot deel van het offer wordt echter als maaltijd gebruikt (verder eten de kippen het anders wel op) Het maken van offers is een blijk van vroomheid, maar als er geen tijd is om ze te maken of als er bewerkelijke vormen voor een bijzondere ceremonie nodig zijn, mogen ze ook op de markt of bij een offer expert gekocht worden. Onderweg zien we dan ook genoeg stalletjes die deze offers verkopen. Offers zijn geschenken aan de goeden om dank te zeggen of steekpenningen voor boze geesten om ze gunstig te stemmen. Een offer wordt gemaakt van bloemen, palmbladen, vruchten, rijst en vlees. Bijna elk dorp heeft zijn eigen unieke stijl. Als we aan het fietsen zijn zien we regelmatig dat ze een offer brengen. Het gaat altijd gepaard met wierook, heilig water en gebeden. We fietsen naar een park dat bekend staat om zijn Waterpalace. Delen van het park zijn verwoest door de uitbarsting van de Gunung Agung in 1963, evengoed is het nog schitterend. Bij het Waterpalace zit een hotel en dat is zo mooi en luxe. We blijven er een nacht en nemen gelijk de meest luxe kamer, de royaal suite. Het heeft een mooie badkamer met een groot bad, waar we met zijn gemak alle drie in kunnen. Ik zou er niet aan moeten denken om altijd zo luxe te zitten, maar af en toe is het erg genieten.

Famke was gisteren flink aan de diaree, gelukkig drinkt ze de o.r.s goed. De kok is erg vriendelijk en maakt voor haar rijstepap met een geraspt appeltje er door, Famke heeft hier jammer genoeg niet echt trek in. Omdat de diaree toch aanhoud besluiten we haar Immodium te geven. Officieel mag dit op haar leeftijd niet. Na goed de bijsluiter gelezen te hebben geven we haar eerst 1 tablet en later nog een half tablet, dat is ook precies wat toegestaan is wat lichaamsgewicht betreft. Wijzelf mogen 8 tabletten op een dag. Maar goed het lijkt te helpen, gelukkig! Nu hebben we deze reis alle drie een keer aan de Immodium gezeten.

Het is alweer een schitterende route. Eerst fietsen we langs rijstvelden, waar de waterbuffels hun werk weer doen. Hoe meer we bij de kust komen hoe droger het wordt, het is een apart landschap. Ook nu wordt er weer af en toe gevraagd of we een taxi willen, dit gebeurt elke fietsdag wel 1 of meerdere keren. Ze kunnen waarschijnlijk niet bevatten dat je dit voor de lol doet. We komen vroeg aan in de volgende etappeplaats. Vlak voor de kust lig het wrak van het Amerikaanse marineschip Liberty, nu een favoriete locatie van tropische vissen en koraal. Je kunt hier dan ook goed duiken en dat is wat Jeroen die middag dan ook gedaan heeft. Gelukkig heeft hij er deze keer foto’s van kunnen maken, zodat wij er ook van kunnen genieten.

‘s Avonds eet Famke weer als een dijkwerker, een goed teken! We fietsen vandaag over een kustweg door veel dorpjes heen, het is een wat saaie route. We fietsen in een lekker tempo, daardoor zijn we op tijd aan in de volgende plaats. Voor een overnachtingsplek gaan we even klimmen, het leek ons een mooie accommodatie en dat is het ook. We kijken vanaf een groot terras over zee. Als Famke even op tuk gaat, liggen Jeroen en ik lui bij het zwembad. Terwijl Jeroen en ik lekker aan het ontbijt zitten de volgende ochtend, al uitkijkend over de zee, vermaakt het personeel Famke, we horen haar hier lachen. We hadden het wel gelezen dat ze op Bali gek op kinderen zijn, maar echt iedereen is zo enthousiast tegen haar. Als we onderweg zijn en iemand kijkt nors houdt dat op als ze Famke zien. Vaak willen ze met haar op de foto of raken haar even aan. Ik heb dit vast al een keer eerder geschreven, maar het blijft wonderlijk en het gaat op een hele leuke manier. Onderweg bezoeken we een tempel, de Pura Maduwe Karang. Deze was eigenlijk nog niet open, maar de sleutel wordt snel even gehaald. Hier is een afbeelding in de stenen gegraveerd van een fietser met een gebloemde bermuda. Het is vermoedelijk W.O.J. Nieuwekamp, die in 1904 Bali verkende. Iedere fietser brengt een bezoek aan deze tempel. We zijn weer lekker op pad tot bij mij de ketting eraf valt, gelijk komt er iemand helpen. Als hij er weer opligt mag Jeroen bij hem wel even zijn handen wassen en kunnen we weer verder. Het is een korte route en we komen voor 12 uur aan in Lovina beach, met deze temperaturen hebben we dat ook graag. Lovina Beach is erg toeristisch, zo kan je gewoon een broodje kroket krijgen. Daar moet je toch niet aan denken als je in dit land zulke lekkere gerechten kunt krijgen. ‘s Avonds gaan we naar een restaurant waar een Balinese dans wordt opgevoerd. Dat moet je toch een keer gezien hebben als je hier bent, ook het eten van traditioneel bereide eend mag niet ontbreken.

We worden pas om 7 uur wakker, dat is laat voor ons doen. We pakken snel in, ontbijten en zitten om 8 uur op de fiets. We rijden de hele route op een kustweg die steeds rustiger en mooier wordt. Het is geen zware route, maar wel 50 kilometer. We komen weer lekker op tijd aan. De eerste accommodatie waar we gaan vragen zit vol. Nou ja, ze hebben nog wel een familie bungalow, met privé zwembad en keuken inclusief kok. Dat klinkt aanlokkelijk, maar kost wel gelijk 200 euro, dat moesten we maar niet doen. We gaan verder kijken, keuze genoeg hier. We komen bij een complex dat nog maar een jaar oud is en heeft mooie kamers. Het is vandaag erg warm, dat komt omdat er helemaal geen wind staat. We doen het dan de rest van de dag ook lekker rustig aan. ‘s Avonds wakkert de wind gelukkig weer aan.

Vandaag hebben we een rustdag, aangezien we 8 dagen achterelkaar gefietst hebben zijn we er ook wel aan toe. Hoewel, al hadden

  • Facebook
  • Twitter
 we wel gaan fietsen dan hadden we er weer van genoten. Het zijn toch vaak de mooiste dagen. ‘s Morgens gaan we even lekker de zee in. In de middag gaan we snorkelen. Het is de bedoeling dat ik het ook even ga proberen, maar dat wordt dus helemaal niets. Ik ben niet snel ergens bang voor, maar in het water ben ik geen held. En dan die flippers, wat een ellende! Jeroen echter geniet weer genoeg voor ons allebei. Als avondeten gaat Jeroen Babi Guling eten, dit is aan het spit geroosterde speenvarken. Dit is een traditioneel gerecht en moet je dus zeker een keer proberen. Het is erg lekker. Gisteren hebben we een taxi geregeld, die ons naar boven gaat brengen. We gaan naar 1350 meter. Met een kar achter je fiets is dat gewoon niet te doen. De twee fietsen gaan weer op het dak, het is een mooie route, zeker achteroverleunend in de auto. Ondertussen valt Famke in Jeroen zijn armen in slaap. We belanden op een schitterende plek. De accommodatie stelt echt niets voor. Degene die ons weggebracht heeft zal wel gedacht hebben, wat een verschil met waar ik ze opgehaald heb. We zijn dan ook de enige gasten en ze spreken geen woord Engels, maar met handen en voeten komen we er wel uit. Te midden van heuvels met koffie plantages ligt een meer. De koffie zien we hier veel te drogen liggen op plastic aan de kant van de weg. Er is nog een meer. Bij beide meren staat een tempel ter ere van de Godin van het meer. Hopelijk komen we daar morgen langs, het schijnt erg mooi te zijn. De meren waren eerst één tot in 1818 een aardverschuiving ze in tweeën deelde. ‘s Middags fietsen we een stukje, ja we kunnen het niet laten, het is hier schitterend.

Wat hebben we vannacht beroerd geslapen. Het rook dan ook erg muf op de kamer en de bedden hadden hun beste tijd gehad. Nou moet ik zeggen dat over het algemeen de bedden op Bali en Lombok zeer knap zijn, hier dus niet. Famke kon haar draai ook niet vinden vannacht. Toen ze eenmaal tussen ons in lag was het goed en hebben we toch nog wat uurtjes gepakt. We zijn al vroeg wakker en gaan ons klaar maken voor een nieuwe fietsdag. Hoe beroert de kamer ook was, ze zijn hier wel heel vriendelijk en zwaaien ons uitbundig uit.

We fietsen tussen de twee meren door, het is zo mooi. De vorige route was de versnelling van Jeroen stuk gegaan, deze heeft hij gelukkig provisorisch kunnen maken, al kan hij niet alle versnellingen meer gebruiken. Dat is niet zo erg, want de laatste twee fietsdagen is veel dalen. In het begin is het nog erg koel, maar 15 graden. De truien zijn dus maar aan gegaan. We zitten dan ook nog erg hoog en ‘s middags gaat het zelfs even regenen. We zijn vandaag naar een groente- en fruitmarkt. Verder zie je hier ook veel souvenirs. Eerst fietsen we nog langs een mooie tempel, we zijn vroeg en dus nog de enige, die rust maakt het nog mooier. Na een hotel gezocht te hebben gaan we langs de markt, waar we wat souvenirs kopen. Het afdingen gaat Jeroen steeds beter af. Als Famke ‘s middags gaat slapen, besluiten wij onze ogen ook even dicht te doen. Wel zo lekker na zo’n beroerde nacht. Na het dutje wandelen we lekker door de botanische tuinen. Het was weer een heerlijke dag.

Onze laatste fietsdag alweer. We zitten nog op 1200 meter en gaan weer terug naar de kust, dat belooft veel afdalen te worden. We fietsen over kleine wegen en zelfs tot 15 km voor Kuta is het een schitterende route. Als ik net als parachutespringers zo’n camera op mijn hoofd had en het knopje tussen mijn tanden, dan hadden het heel wat foto’s geworden. Onderweg stoppen we even om lekker een broodje te eten. We worden weer aandachtig bekeken. We krijgen weer de bekende vragen en zo ook hoe duur onze fietsen zijn. We noemen dan altijd een stuk lager bedrag en dan nog kunnen ze er hier een knappe motor voor kopen. We fietsen weer zingend en Famke klappend verder. Wat zijn we blij dat we deze route fietsen, in Nederland hadden we bedacht om van Pemuteran naar Kuta een taxi te nemen, maar na goed lezen hebben we het toch gewijzigd. Toch weer een voordeel dat je niets van te voren boekt.

Onderweg komen we mensen tegen op weg naar een tempelceremonie. Ze hebben prachtige offers bij zich. Dan komen we in de drukte van Kuta, wat best mee valt. Het zijn knappe overzichtelijke wegen waar we overheen geleid worden. We hebben ook mazzel met het weer, het is wat bewolkt en er staat een fris windje. Dat is in een drukke stad wel zo prettig.

We komen via de achteringang van het hotel aan. Het is weer een dubbel gevoel. Het zit er weer op, maar wat hebben we veel mee gemaakt en gezien. En niet vergeten het allerbelangrijkste, alles is weer goed gegaan. We bestellen twee heerlijke koude biertjes. Nou ja, in werkelijkheid zijn dat 2 large bintang van 620 ml. Oh, wat smaakt dat weer lekker en verdient. We proosten op de mooie vakantie en op de volgende, Famke doet vrolijk mee met haar flesje water. Toen we aankwamen herkende ze Famke gelijk weer. Ze wisten haar naam nog en ze kreeg van verschillende obers een dikke zoen. Ze was een erge sterke baby vonden ze, dat ze dit toch allemaal gered heeft. Nou wil ik niet veel zeggen hoor, wij hebben altijd nog het trapwerk gedaan.

We breng

  • Facebook
  • Twitter
en na een uitgebreide lunch de was weg en halen de dozen die we achter gelaten hebben weer op. Dan gaat Famke even lekker slapen, daar is ze wel weer aan toe.Vlak bij het hotel laten we de fietsen wassen en als dat gebeurd is gaan we daar tegenover gelijk onze haren knippen. Voor knippen en een hoofdmassage zijn we maar 6 euro kwijt en dan is Jeroen ook nog geschoren. En dat de was dan ook nog draait is een heerlijk gevoel, dat is zo meteen lekker thuiskomen. De volgende dag weer inpakken. Nog lekker even de zee in, waar Famke nooit genoeg van krijgt. Verder hebben we nog wat jurkjes voor haar gekocht en ‘s middags een voetreflex massage genomen. Super!

Voor dat we naar het vliegveld worden gebracht gaat Famke nog even slapen. Als we dan worden opgehaald slaapt ze nog steeds. Ze vinden het maar raar dat daar alleen een baby slaapt. Ik zeg dat ze best even mogen kijken en als ze dan zien hoe we van het schuiven met meubels een bed hebben gemaakt vinden ze dat schitterend. Ze vertellen dat op Bali een baby altijd bij de ouders is en dus ook als het slaapt. Moet je toch niet aan denken.

Om 16.30 uur rijden we naar het vliegveld. De terug reis verliep super!